HIP-TIME MAGAZINE 29

In alle fotocollecties over Heerenveen neemt dit “Panorama ‘Breedpad’ Heerenveen” - een uitgave van de Gebr. Brouwer - een belangrijke plaats in. De exemplaren in het fotoarchief van het museum Willem van Haren zijn allen ongestempeld en vanwege de briefkaartindeling aan de adreszijde duidelijk ná 1905 geproduceerd.

In mei van dat jaar 1905 vestigen twee broers Brouwer zich op het laatste deel van het Breedpad (ook vaak Konijnenpolle genoemd) aan de Veenscheiding, waar ettelijke jaren later winkelier Fré de Jong zijn nering heeft gehad. Zij schaffen zich een handpersje aan en beginnen een drukkerijtje. Oudste broer Gerrit is vanwege zijn gezondheid al een aantal jaren bij de weg als verkoper van prentbriefkaarten. Samen met zijn jongere broer Gerben gaan ze zelf kaarten drukken. In 1908 verruilen ze het pand aan het Breedpad voor een locatie op de Dracht-oost (nr. 262). Gerben noemt zich dan boekhandelaar, verhuist in 1909 naar Rottum wegens zijn huwelijk met  Jantje Hendriks Snijder, weduwe van Hoppe Ebert en wordt meteen stiefvader van drie kinderen Ebert (Wietske, Hendrik en Kornelia). In december 1909 wordt zoon Jelke Brouwer in Rottum geboren.

Ten aanzien van de datering van de afbeelding kunnen we deze keer niet terugvallen op het postzegelstempel of een tekstdatering van een afzender. De twee museumexemplaren zijn wel ge’oormerkt’ met een datering in handschrift, maar ‘± 1908’ en ‘ca. 1914’ dragen beide het kenmerk van de natte vinger. De eerste datum lijkt te vroeg, gezien het bovenstaande ontstaansverhaal van de uitgevers. De tweede datum valt nog niet te ondersteunen met objectieve gegevens.  Het kenmerk E.& B. - wat volgens prentbriefkaarten kenners betekent ‘Ebert & Brouwer’ wijst op een nog later tijdstip.

Chapeau voor de fotograaf van dit tafereel als we ons realiseren welke balanceerkunsten hij heeft moeten maken om een standpunt te vinden op dat eerste stukje Breedpad om zelfs de bovenkant van een aantal dakkapellen op de gevoelige plaat te krijgen. De veronderstelling dat hij op het dak van het Hotel Groen  moet hebben gestaan, kunnen we op basis van een kaartplattegrond van 1913 naar het rijk der fabelen verwijzen. Practisch de enige optie is een levensgevaarlijke manoeuvre uit één van de dakkapelramen van Hotel Transvaal op de hoek van de Dracht of bovenop een dakkapel van datzelfde etablissement.

Laten we nu eens afdalen naar de bouwkundige details. Het dak links op de foto met de twee kleuren dakpannen en de dakkapel is te danken aan de bouwvergunning nr. 163, welke Lucas Prinsen op 3 augustus 1905 door B. en W. van Schoterland werd verleend voor de ‘oprichting café’ met grote bovenzaal. Feitelijk is deze herbouw de vervanger voor de tuitgevel met achteroverhellende schoorsteen op enkele oudere foto’s. De aannemers G. Bosma en L. van der Meulen, beide uit Heerenveen, slagen er in voor fl.4679,- een tamelijk harmonieus gebouw te creëren, welke op 4 februari 1906 wordt ingewijd met een avond Fryske Winterjounenocht van Krips en Molenaar met pianobegeleiding van Venema.

Dichterbij het fototoestel is de uitbouw aan de gevel van meubelmagazijn Witteveen of zijn opvolger slager Nauta waar te nemen. Aan het pand is pas in 1927 weer iets ingrijpends veranderd.

De Spandawbrug over de Molenwijk is nog van een degelijke houten constructie, waaraan de laatste herstellingen in 1894 door aannemer Murk Jelmers Visser zijn gedaan. De naam van het ‘Valbrugje op ‘t noordend’ van de Molenwijk in de 18e eeuw wordt in de Franse tijd de naam ‘Semlersbrugje’ (naar maire Semler, die dan woont op het Grote Huijs en eigenaar is van het bruggetje) en krijgt de naam ‘Spandawbrug’ (naar de graankoopmansfamilie Spandaw in het eerste huis ná de brug, welke familie er practisch de gehele 19e eeuw heeft gewoond).

Onze aandacht nu richtend op de Herenwalsterbrug komen we tot de conclusie dat de Breedpadkade wel een ander verloop heeft gehad. Het gedeelte langs het water wordt op deze dag ingenomen door verschillende personen en goederen o.a. balen, welke ogenschijnlijk zijn aangevoerd door een fors beurtschip. Daarachter ligt - zo te zien - nog een kleiner exemplaar. Jammer dat we de kennis niet hebben om die scheepstypen correct te kunnen benoemen. Op de voorgrond zien we de voorsteven van een stoomboot, waar het bovenste topje van de schoorsteenpijp nog net zichtbaar is op de voorgrond. Het voordek is ingericht voor het vervoer van ‘kleinvee’ en de schrijver, die deze foto in de rubriek “Heerenveen uit vroeger dagen” van tekst heeft voorzien, ziet enige hokken met nuchtere kalveren. Zou het dan toch marktdag zijn in Heerenveen ? Of liggen ze te wachten op de afvaart naar de Leeuwarder veemarkt ? Een vergelijkbare foto vertelt ons, dat dit de motorstoomboot “De Eendracht” is van Wouter Drijfhout. Wanneer dat inderdaad het geval is dan is het gebouwd in 1868 en in 1884 uit Sneek naar Heerenveen verkocht. In 1952 werd het uit de goederenvaart teruggetrokken en ingericht als toeristenschip. Als we kunnen aannemen dat dit de ‘Eendracht IV’ is geweest, dan geven twee repertoires (247 en 257) van notaris jhr. S.W.H.A. van Beyma thoe Kingma ons stevige informatie over de finale verkoop op 16 december 1911 aan Sies van der Zee te Leeuwarden en Lourens Schokker te Drachten, die de boot kopen van Tjeerd de Jong te Heerenveen en Wouter Drijfhout te Nijehaske. Het verkoopbedrag is fl.3300,-.  Voorzichtige conclusie ten aanzien van de datering is in dit geval dus, dat de foto van vóór 1912 zou kunnen zijn, tenzij de nieuwe eigenaren ook de rechten van de aanlegplaats aan de kade hebben kunnen verwerven. Eerder genoemde tekstschrijver van de rubriek “Heerenveen uit vroeger dagen” noemt dit de stoomboot van de Gebrs. de Jong (Heerenveen-Sneek). Dat moet dan betekenen, dat de boot ‘De Drie Gemeenten’ heet. Wie heeft de wijsheid over dit boeiende conflict in de interpretatie van de gegevens ?

Laten we ons nog even bezighouden met andere dateerbare objecten op de foto. Allereerst ‘it lytse húske’ - de woning van de brugwachter op de Heerenwal tegen de Veenscheiding aan.  Op foto’s van vóór 1905 is het beeld van de aanbouw slechts een ‘hokkerig’ geheel, waaruit de schrijver van de tekst uit het boek over de Heerenwal de conclusie heeft getrokken dat het tussen 1905 en 1910 in deze ‘charmante’ vorm is gegoten. Wanneer het huisje uitsluitend ten gerieve van schoenmaker-brêgewipper Gjalt Keimpema is gebouwd, dan valt een datering van kort voor 1914 niet uit te sluiten. Keimpema zou in 1914 een dienstverband met de eigenaar van de brug Engelen hebben gesloten. Voordien heeft Willem de Ruiter die functie uitgeoefend in combinatie met het barbierschap. In het jaarverslag 1910 van de gezelligheidsvereniging ‘De Vriendenkring’ van Heerenwal en Schans vertelt secretaris K.J. Woudstra namelijk over de boottocht van 20 juli 1910. Hij maakt melding van de 2 centen wipgeld, die brugwachter Willem de Ruiter van elke doorvarende schipper vordert. Er moet zelfs aan de Heerenwalzijde een bord hebben gestaan met zwarte letters en de dreigende verbodstekst:

“ 't Is de schippers verboden om zelf te wippen”.

Nog niet helemaal duidelijk is wanneer voor het eerst het brugwachtershok aan de westzijde van de brug op het Breedpad is neergezet.

Veel uitgesprokener kunnen we daarentegen zijn over de aanleg van het op de foto pregnant in beeld gebrachte plantsoentje. Op 12 januari 1906 meldt de Hepkemakrant met trots, dat de  “ruimte voor het huis van mej. van Heloma aan het Breedpad, veeltijds een modderpoel, van gemeentewege is herschapen in een net (‘Roodbaardachtig’, Wd.) plantsoentje.”  De Vereniging van Handelaren dient op 7 april 1920 al een adres in bij het gemeentebestuur van Schoterland om het plantsoentje voor de woning van mr. T.S. Tromp (het Grote Huys) weg te halen ten dienste van het laden en lossen. Op 12 april 1921 wordt een voorstel van B. en W. - om dat niet te doen wegens de toeneming van de verkeersonveiligheid en de hoge kosten van de bestrating - aangehouden. Zeker is dat luchtfoto Aerocarta nr. 7140 uit 1931 nog slechts een ‘verkeersdruppel’ laat zien.

Sterk punt van deze foto is ook, dat het ons opnieuw een prachtige blik gunt op de Veenscheiding met kade-aktiviteit bij een afgemeerd schip. Het rechts naast de mast zichtbare gebouw geeft een glimp van het pakhuis van ijzerhandel Pothaar, later dus het ‘Zuurkoolpakhuis’. Bijzonder is ook de weggedraaide spoorbrug ter wille van de doorvaart van één of meer schepen. Tenslotte steekt boven de horizon aan de noordkant van de Veenscheiding de poldermolen “De Vooruitgang” haar wieken trots in de lucht.

Door de schrijvers van het boekje “Herinneringen aan het familie-en buitenleven van Aleida Houwink en Robert van Hasselt.” van J. Frieswijk en Y. Kuiper, 2008, die deze foto als illustratie gebruikten, weten we dat zij een deel van haar jeugd als dochter van de huisarts Roelof Houwink in het eerste huis aan de Heerenwal heeft gewoond.

De laatste ontdekking op het grote huis aan de Heerenwal betreft de witte balk boven de deur naar de bovenverdieping en de twee ramen links in de benedengevel. Die is op een ingekleurde prentbriefkaart van het eerste deel van de Heerenwal zeer goed te zien en draagt als tekst: ‘A. Bloembergen & Zonen’s Bank’. De Leeuwarder Courant van 30 september 1907 geeft ons de sleutel tot het nauwer maken van de dateringsperiode met het volgende bericht: “A. Bloembergen & Zonen’s Bank bericht, dat zij vanaf 1 October a.s. opent een Bijkantoor te Heerenveen, Heerenwal no. 3.” Het reclamebord heeft er dus vanaf die tijd opgezeten en is er afgehaald na de verkoop van het pand op 10 november 1916 aan de heer J. Rozenbeek, die het enkele maanden later doorverkoopt aan het Rijk. Deze vestigt er het kantoor van de Raad van Arbeid in. Voor onze pogingen tot het dateren hebben we nu in ieder geval de begrenzing eind 1916 kunnen vaststellen.

Opnieuw laten we onze ogen naar een ander punt van de foto dwalen. Eigenlijk is dat de kern van deze foto: het parkje !!! En het bericht in de Hepkemakrant van 12 januari 1906. Mocht U denken: “Waar heb ik deze foto meer gezien ?”, dan is het antwoord vanzelfsprekend: “Als muurposter in de bedieningsruimte van het museumcafé van het museum Willem van Haren !”. Vanaf begin augustus hangt het daar in al z’n glorie te pronken.

 

2012, september 30 - wibbo westerdijk - hip-backup